Hij vleit zich als een lieve vriend zachtjes tegen haar oude doorleefde hand. Met gesloten ogen voelt ze de warme adem in haar gezicht; zijn hart kloppend onder de zachte vacht. 

Zonder woorden ontmoet ze weer veilige geborgenheid en intimiteit. Alsof die nooit is vervaagd. Even is er weer een vonk van herinnering, als wakkerworden in het klein. In een gouden moment verbinden nu en vroeger zich weer even met elkaar. En in het hart blijven zachte sporen achter. 

Bewaarschool
Mw. Jacobs was al ver in de tachtig en woonde in een verpleeghuis, ergens in Limburg. Maar dat wist ze niet meer; ze had het stadium van dementie bereikt waar woorden zelden nog gesproken worden. Waarin het ‘ik’ als een dief in de nacht aan het verdwijnen is. Familie kwam steeds minder op bezoek, of maar heel kort. Een gesprek was niet meer mogelijk. Een van de weinige dingen die overbleef was haar hand vast houden. Maar nooit meer kwam er een reactie op “Dag mamma”. Alsof haar geest steeds meer oploste in het grote niets. Onbereikbaar.

Elke woensdagmiddag kwam ik als Zorghondteam op bezoek in de woonkamer van de afdeling. Zodra Dito door de deuren van het verpleeghuis naar de afdeling liep veranderde hij. Dito was een enthousiaste Australische herdershond. Beste wel een plezierige druktemaker. Maar eenmaal op de afdeling was hij totaal anders. De schakelaar ging óm. Frappant. Hij was in de focus en rustig. Kalm zelfs. Zorghond aan het werk.
De eetkamertafel was rondom bezet met bewoners. Zwijgend. Friemelend met de handen aan een servet. Of met hun hand een compulsieve wrijfbeweging maken over het plastic tafellaken. Sommigen keken van onder hun wenkbrauwen op als we binnen kwamen, anderen leken te slapen. Een derde stond op en schuifelde boosmopperend naar een fauteuil in de hoek van de kamer zodra ze Dito zag. Duidelijk was wel dat deze mevrouw niets van honden moest hebben. “Dat komt goed”  dacht ik. Naast die fauteuil stond een klein salontafeltje. Ik maakte Dito los van de riem en hij verkende op zijn gemak even de ruimte. Het was niet de eerste keer dat hij op bezoek kwam. Dito was er elke dag. Aan de muur hing namelijk een foto van hem. Naast de dressoir een hondenmand met een pluche knuffelhond met een naambordje er boven waar ‘Dito’ op stond. Nu de echte Dito er was lag zijn pluche naamgenoot in zijn mandje te slapen. Ik liep naar het salontafeltje en legde juist daar zijn riem neer. “Dag mevrouw” zei ik, en raakte zachtjes even haar arm aan. Opeens hoorde ik iemand een blijde uitroep doen.”Daar heb je mijn lieverd” zei de vrouw die geen woorden meer kon vinden en zichzelf aan het kwijtraken was. Ik liep blij lachend naar mevrouw Jacobs toe en zag dat Dito zijn kop in haar schoot gelegd had. Ze waren vriendjes, mevrouw Jacobs en Dito. Ze aaide hem steeds weer en zei “Mijn lieverd. Mijn lieverd”. Ik ging naast haar zitten en legde een zachte doek op haar schoot. Op een geschikt moment gaf ik Dito een zacht uitgesproken commando “voetjes!” en wees naar de benen van mevrouw Jacobs. In vertraagde modus legde hij zachtjes zijn voorpoten op haar benen en zijn kop zachtjes tegen de borst van mevrouw. Als vanzelf omhelsde zij de hond en lachte hardop. Een intiem moment, het was al zo lang geleden dat zij zo geknuffeld had. Met Dito kon dat, maar een mens zou berispt worden voor ongewenste intimiteit. Elke week ging dat zo. Alle stappen waren gedegen getraind in de opleiding tot Zorghond. En elke week was dat het moment dat mevrouw Jacobs begon te vertellen. Dat ze als kind elke doordeweekse dag naar de bewaarschool ging -de kleuterschool bestond nog niet- en dat haar hondje van thuis uit altijd met haar mee liep. En als de bewaarschool uit was, zat  hij daar weer voor t houten gebouwtje op haar te wachten als zij buiten kwam. Samen liepen ze dan naar huis. Daarna stopten plots de woorden. Ze lachte. Soms huilde ze. Net als ik. 

Dan duwde zij Dito weg. Een andere keer vond hij het zelf welletjes en zocht zelf iemand anders op. Zijn rol was niet meer dan er gewoon te zijn. Zonder iets te verwachten of te moeten. Dit gouden cadeautje was de reden dat familie op woensdag graag weer wat langer op bezoek kwam bij moeder. Moeders stem weer even te horen deed hun goed. Elke week was moeder ‘even terug’, ook al was het elke week met hetzelfde verhaal. Verdrietig, schurend, maar mooi. Als haar verhaal gedaan was, dan waren de woorden weer zoek. Na anderhalf uur was de batterij van Dito leeg. En de mijne ook. Zorghondwerk is intens op alle vlakken, maar geeft enorme voldoening en beroering.
Mw. Jacobs is al lang niet meer bij ons, maar niet vergeten. En daarom vertel ik háár verhaal.

De vonk is wederzijds
Een hond dóet iets met mensen. Ook bij mensen die vroeger geen hond gehad hebben, of bij hen die er niets van willen weten. Angstig zijn wellicht. Tussen mens en hond ontstaat vrijwel gelijk een unieke verbinding in het eerste contact. Het lijkt zo vanzelfsprekend, maar dat is het absoluut niet. Er lijkt een ‘destiny’ te bestaan, een lotsbestemming die mens en hond naar elkaar toe trekt, alsof het altijd al zo bedoeld is. We realiseren ons dat niet, maar met geen enkele andere diersoort ontstaat een dergelijke intieme verbinding. Een muis of ratje als huisdier is leuk, een kip, kat of een cavia misschien ook, of wellicht duiven. Allemaal erg leuk en gezellig, maar…  het is eenrichtingsverkeer. Met een hond ontstaat een verbintenis, een roep-met-antwoord, een relatie. De vonk is wederzijds. Hij kruipt onderhuids, of je wil of niet, in je hart. Je verlangt naar hem en hij naar jou. Je kijkt naar elkaar uit, zoekt elkaar op. Blijdschap bij het weerzien. Houden van elkaar. Onvoorwaardelijk.
Mensen met een hond -zo blijkt uit onderzoek- leven langer, zijn blijer, hebben meer sociale contacten, zijn gezonder, hebben minder last van hoge bloeddruk en minder problemen met hart- en vaatziekten. Om maar wat voorbeelden te noemen. Je wordt er gelukkig(er) van. Al zou het slechts een vluchtig moment zijn; ook dan is het meer dan de moeite waard om die ontmoeting op te zoeken.

Stichting Zorghond
Ik realiseerde mij ooit dat dit veel verder gaat dan ‘gewoon een hond hebben’. Er is iets magisch tussen mens en hond zonder dat precies benoemd kan worden wat het dan is. Dat besef heeft mij jaren geleden doen besluiten stichting Zorghond op te richten. Een stichting die als doel heeft baas en hond op te leiden tot een professioneel en gediplomeerd Zorghond-team. Eenvoudig gezegd ‘om mensen een klein moment ietsje gelukkiger te maken’, weer even in  verbinding te brengen met zichzelf. Te ontspannen, misschien te kunnen huilen om wat is of niet meer is. Voor mensen die daar zelf in hun eentje niet meer goed bij kunnen. Denk aan mensen met dementie in alle stadia van hun ziekte, of met meervoudig gehandicapte personen, mensen met autisme of hersenletsel.

Opleiding
Een Zorghondteam word je niet zomaar. Dergelijke bezoeken vragen veel van hond en baas. Er gaat een gedegen training aan vooraf. Want onder alle omstandigheden moet de veiligheid van iedereen gewaarborgd zijn. Zorghondteams zijn dan ook goed opgeleid en gecertificeerd door de Hondentolk ®. Ze werken als vrijwilliger, maar niet vrijblijvend. Zowel de baas als de hond moeten aan strenge eisen voldoen om op de lijst geplaatst te worden van erkende Zorghondteams die in zorginstellingen ingezet kunnen worden. De organisatie van stichting Zorghond regelt de randvoorwaarden en legt contacten met instellingen en maakt afspraken.

Revival
Stichting Zorghond maakt in 2020 een frisse herstart na een periode van bezinning.
Ben je geinteresseerd om opgeleid te worden tot Zorghondteam? Heb je organisatorisch talent of beschik je over bestuurservaring? Zou je je graag met enthousiasme willen inzetten voor stichting Zorghond? Stuur dan vrijblijvend een bericht naar godfried@hondentolk.nl.

Dit is artikel # 1 van 3